El Niño of Zuidelijke Oscillatie is een natuurverschijnsel in de Grote Oceaan. Langs de evenaar in de oostelijke Grote Oceaan komt het voor dat in de loop van sommige jaren een sterke opwarming van normaal koel zeewater plaatsvindt.
Die opwarming van het zeewater heeft veel invloed op het weer in grote delen van de wereld, vooral Noord- en Zuid-Amerika. Soms heeft het weerverschijnsel kleine invloed op het weer in Europa. La Niña is fysisch gezien het tegengestelde effect. Dit doet zich voor wanneer ongewoon koud zeewater bij de evenaar is gemeten. El Niño en La Niña zijn beide tekenen van het El Niño Southern Oscillation- of ENSO-effect. El Niño betekent in het Spaans De Kleine Jongen en refereert aan het ‘Kerstkind’ (aangezien dit fenomeen vooral rond die periode voorkomt), een benaming die vissers in Peru hebben gegeven. Eigenlijk bedoelen zij daarmee het warme water dat steeds in januari voor de kust van Peru verschijnt en dat daar een eind maakt aan het visseizoen. Onregelmatig, maar toch gemiddeld eens in de drie tot zeven jaar, leidt El Niño tot zo’n uitgebreide en sterke verwarming van het oceaanwater dat de hele atmosfeer daar gedurende langere tijd door wordt beïnvloed. In 2026 was in het voorjaar duidelijk dat de kans op El Niño groot was. De El Niño wint snel aan kracht. Voor de periode oktober tot en met december 2026 schat NOAA de kans op 69 procent dat de gebruikte ENSO-index een niveau bereikt dat hoger ligt dan bij eerdere El Niño’s in de historische meetreeks sinds 1950. Of de sterke El Nino van 2026 toevallig zo sterk is of dat klimaatverandering meespeelt is een actief onderzoeksonderwerp. Daar is het laatste woord nog niet over gezegd. Wel worden sommige effecten van El Niño door klimaatverandering versterkt. Zo versterkt klimaatverandering het contrast tussen natte en droge gebieden. Als een gebied bij een El Niño natter is dan normaal, dan doet klimaatverandering daar een schepje bovenop. Ook is het aannemelijk dat gebieden die bij een El Niño droger zijn, door klimaatverandering nog droger zijn. En gebieden die bij een El Niño warmer zijn dan normaal, zullen door de klimaatverandering nog warmer zijn.
…bij A3veen.nl, sinds 29-04-2003 de webplek van Aaldrik Adrie (A3) van der Veen, met een weBLOG vol weetjes die het delen waard zijn, onder het motto: “Zie de wereld door de ogen van A3…”
El Niño of Zuidelijke Oscillatie is een natuurverschijnsel in de Grote Oceaan. Langs de evenaar in de oostelijke Grote Oceaan komt het voor dat in de loop van sommige jaren een sterke opwarming van normaal koel zeewater plaatsvindt.
Die opwarming van het zeewater heeft veel invloed op het weer in grote delen van de wereld, vooral Noord- en Zuid-Amerika. Soms heeft het weerverschijnsel kleine invloed op het weer in Europa. La Niña is fysisch gezien het tegengestelde effect. Dit doet zich voor wanneer ongewoon koud zeewater bij de evenaar is gemeten. El Niño en La Niña zijn beide tekenen van het El Niño Southern Oscillation- of ENSO-effect. El Niño betekent in het Spaans De Kleine Jongen en refereert aan het ‘Kerstkind’ (aangezien dit fenomeen vooral rond die periode voorkomt), een benaming die vissers in Peru hebben gegeven. Eigenlijk bedoelen zij daarmee het warme water dat steeds in januari voor de kust van Peru verschijnt en dat daar een eind maakt aan het visseizoen. Onregelmatig, maar toch gemiddeld eens in de drie tot zeven jaar, leidt El Niño tot zo’n uitgebreide en sterke verwarming van het oceaanwater dat de hele atmosfeer daar gedurende langere tijd door wordt beïnvloed. In 2026 was in het voorjaar duidelijk dat de kans op El Niño groot was. De El Niño wint snel aan kracht. Voor de periode oktober tot en met december 2026 schat NOAA de kans op 69 procent dat de gebruikte ENSO-index een niveau bereikt dat hoger ligt dan bij eerdere El Niño’s in de historische meetreeks sinds 1950. Of de sterke El Nino van 2026 toevallig zo sterk is of dat klimaatverandering meespeelt is een actief onderzoeksonderwerp. Daar is het laatste woord nog niet over gezegd. Wel worden sommige effecten van El Niño door klimaatverandering versterkt. Zo versterkt klimaatverandering het contrast tussen natte en droge gebieden. Als een gebied bij een El Niño natter is dan normaal, dan doet klimaatverandering daar een schepje bovenop. Ook is het aannemelijk dat gebieden die bij een El Niño droger zijn, door klimaatverandering nog droger zijn. En gebieden die bij een El Niño warmer zijn dan normaal, zullen door de klimaatverandering nog warmer zijn.
Super El Niño is here. What’s so super about it?
Nepal, El Niño: wie gaat de klimaatrekening betalen?
What is El Niño? And Why Does It Matter in a Warming World?
Gegevens