Sinds 1998 wordt jaarlijks op 22 oktober de Stuttering Awareness Day (ISAD) georganiseerd met elk jaar een ander thema.
Stotteren wordt in de ICD-10 omschreven als “Spraak die wordt gekenmerkt door frequente herhaling of verlenging van geluiden, lettergrepen of woorden of ook wel door herhaalde aarzelingen of pauzes die het vloeiend verloop van de spraak onderbreken. Dit dient alleen dan als een stoornis te worden geklasseerd indien de ernst ervan zodanig is dat het vloeiend verloop van de spraak duidelijk wordt belemmerd”. In dit lemma wordt uitsluitend de meest voorkomende vorm van stotteren besproken, de communicatiestoornis (subcategorie) die in de DSM-IV (voorganger van DSM V) is ingedeeld bij de ontwikkelingsstoornissen. Bij mensen die stotteren is het spraakmotorisch systeem minder stabiel dan bij mensen die niet stotteren. Wanneer er een storing in het spraakapparaat optreedt treed het stotteren op en dat kan zorgen voor een enorm schaamte- en minderwaardigheidsgevoel. Storingen in het spraakapparaat treden tijdens zingen veel minder vaak op dan tijdens (spontaan) spreken. Een stotteraar is ruwweg in te delen in 4 groepen, hij/zij stottert door middel van:
herhaling (losse stotter) men herhaalt klanken of lettergrepen
verlenging (lange stotters) men maakt klanken langer
blokkade (vaste stotters) men duwt de klank eruit
vermijding (stille stotters) men kiest een ander woord of zegt niet
Sinds 1998 wordt jaarlijks op 22 oktober de Stuttering Awareness Day (ISAD) georganiseerd met elk jaar een ander thema.
eren wordt in de ICD-10 omschreven als “Spraak die wordt gekenmerkt door frequente herhaling of verlenging van geluiden, lettergrepen of woorden of ook wel door herhaalde aarzelingen of pauzes die het vloeiend verloop van de spraak onderbreken. Dit dient alleen dan als een stoornis te worden geklasseerd indien de ernst ervan zodanig is dat het vloeiend verloop van de spraak duidelijk wordt belemmerd”. In dit lemma wordt uitsluitend de meest voorkomende vorm van stotteren besproken, de communicatiesto ornis (subcategorie) die in de DSM-IV (voorganger van DSM V) is ingedeeld bij de ontwikkelingsst oornissen. Bij mensen die stotteren is het spraakmotorisch systeem minder stabiel dan bij mensen die niet stotteren. Wanneer er een storing in het spraakapparaat optreedt treed het stotteren op en dat kan zorgen voor een enorm schaamte- en minderwaardighe idsgevoel. Storingen in het spraakapparaat treden tijdens zingen veel minder vaak op dan tijdens (spontaan) spreken. Een stotteraar is ruwweg in te delen in 4 groepen, hij/zij stottert door middel van:
Stott
Links: eren
Stott
Stuttering Awareness Day
Gegevens