Klimaat (verandering)

Klimaatverandering is de verandering van het gemiddelde weer of klimaat over een lange periode. De verandering manifesteert zich het duidelijkst in een stijging of daling van de gemiddelde temperatuur, veranderingen van de heersende windrichting en van de waterkringloop en daarmee van de bewolking en de hoeveelheid neerslag op aarde.

Wikipedia: Logaritmisch temperatuurverloop op aarde weergegeven over de afgelopen 542 miljoen jaar, sinds het begin van het Cambrium tot op heden. Het Precambrium ontbreekt in de afbeelding, klik op afbeelding voor origineel

Index:

Introductie
Geschiedenis
Gevolgen van de opwarming van de Aarde
Klimaatakkoord van Parijs
Klimaat afspeellijst
Klimaatmars Amsterdam 10 maart 2019
Droogte en extreme neerslag in Nederland sinds 2018
Nederland warmt ruim 2 keer zo snel op als de wereldgemiddelde temperatuur
What’s the hottest Earth’s ever been? / How warm the Earth has been “lately”
Noordpoolgebied
Noord-Atlantische warme golfstroom
An Inconvenient Truth
600 Years of Grape Harvests Document 20th Century Climate Change
Klimaat en Voedselproductie
Klimaat en vlees
Antartica
2020
UN Secretary-General António Guterres: “De planeet is stuk”
Kaspische crisis
Let’s Get Radical About Climate Chaos
One Hot Year after Another
Klimaatrechtzaken
Klimaat en Grootkapitaal
Klimaat en internet
Migratie en Klimaat
Gezondheid en Klimaat
Energievoorziening
Shell klimaatzaak uitspraak
Show Your Stripes
Permafrost
Weerextremen en gevolgen in 2021

Links

Introductie:
Deze veranderingen hebben invloed op verwoestijningdraslandenoverstromingen door buiten hun oevers tredende rivieren en de grootte van ijskappen en gletsjers. Op langere termijn hebben klimaatveranderingen ook invloed op zeestromingen, het zeeniveau en het zoutgehalte van het zeewater.

Klimaatverandering kwam aan het eind van de 20ste eeuw in de belangstelling vanwege een geobserveerde opwarming van de Aarde. In het geologische verleden zijn er perioden geweest waarin het op land meest warm en vochtig was of juist erg heet en droog. Er zijn ook perioden geweest waarin het op aarde veel kouder was dan nu, zoals tijdens de ijstijden. De verschillen in klimaat gedurende de verschillende perioden zijn het grootst in de poolgebieden en rond breedtegraden waar in de moderne tijd een gematigd klimaat heerst. Ze zijn het kleinst rond de evenaar en tussen de keerkringen.

Geschiedenis:
De veranderingen in het klimaat en het effect ervan op de geschiedenis van de mens zijn het onderwerp van de historische klimatologie. Dit is een onderdeel van de paleoklimatologie, die de klimaatveranderingen in de hele geschiedenis van de Aarde bestudeert.

Na 1900 begint de temperatuur snel te stijgen, als gevolg van menselijke CO2-uitstoot. Dit is het proces waarnaar verwezen wordt als de Opwarming van de Aarde.

Uit onder andere metingen in 2004 in de Groenlandse ijskap is vastgesteld dat na het laatste ijstijd er verschillende kortere perioden van klimaatverschillen zijn vast te stellen. Dit zijn de zogenaamde Dansgaard-Oeschger-cycli, een verschijnsel dat zich regelmatig herhaalt na ongeveer 1470 tot 1480 jaar. Door sommige onderzoekers wordt de kleine ijstijd geïnterpreteerd als een koude periode van een D-O-cyclus.

Wikipedia Een kaart van de verwachte opwarming van de aarde op het einde van de 21e eeuw

Gevolgen van de opwarming van de Aarde:
Met de gevolgen van de opwarming van de Aarde worden talrijke veranderingen door de wereldwijde temperatuurstijging bedoeld die de mensheid en de aarde treft en zullen treffen. Opwarming van de Aarde is de waargenomen en voorspelde trend naar een hogere gemiddelde temperatuur op aarde in vergelijking met pre-industriële niveaus, met gevolgen als zeespiegelstijgingsmeltende gletsjers, veranderende klimaatzones, vegetatiezones en habitats, sterkere of frequentere bosbranden, veranderde neerslag, sterkere of frequentere extreme weersomstandigheden zoals overstromingenstormen en droogtes, de verspreiding van parasieten en tropische ziekten, en meer klimaatvluchtelingen. De voorspelde en waargenomen negatieve effecten van klimaatverandering worden ook wel “klimaatramp” genoemd.

Hoewel er brede consensus bestaat over de oorzaken van de opwarming van de aarde (voornamelijk door de uitstoot van broeikasgassen door de mens), worden in dit artikel de gevolgen ervan uitvoerig besproken. Sommige gevolgen zijn al merkbaar, andere worden pas in de toekomst verwacht.

Naast de ‘lineaire’ verwachte gevolgen van de opwarming van de aarde die hier worden beschreven, bestaat er in klimaatonderzoek brede consensus dat er zogenaamde ‘kantelpunten in het aardsysteem‘ zijn die een soort domino-effect in beweging zetten van onherroepelijk verandering, wat gevaarlijk is voor het menselijk leven op Aarde. Verschillende klimaatmodellen komen echter tot verschillende resultaten wat betreft de temperatuur waarbij deze drempel ligt. Een meta-analyse door Steffen et al. in 2018 kwam tot de conclusie dat de 2-graden-doelstelling van het Akkoord van Parijs wellicht niet voldoende is om dergelijke feedback te voorkomen.

Klimaatakkoord van Parijs:
Het Akkoord van Parijs (ook Parijs-akkoord of klimaatakkoord), een onderdeel van het Klimaatverdrag, is een internationaal verdrag om de opwarming van de aarde te beteugelen. Het akkoord is op 12 december 2015 gepresenteerd op de klimaatconferentie van Parijs 2015.

In het Akkoord werd de bovengrens van 2 graden opwarming ten opzichte van het pre-industriële tijdperk voor het eerst in een juridisch instrument vastgelegd. Bovendien wordt het streven vastgelegd om de opwarming beperkt te houden tot 1,5 graad. Verder moet er nu snel een eind komen aan het gebruik van fossiele brandstoffen, aangezien dit een belangrijke oorzaak is van de overmatige CO2-uitstoot.

Het verdrag eiste van lidstaten dat zij nationale klimaatplannen (nationaal vastgestelde bijdragen, Nationally Determined Contributions, NDC’s, of Intended Nationally Determined Contributions, INDC’s, als het over intenties gaat) op zouden stellen die ambitieus waren en waarvan het ambitieniveau bij ieder nieuw plan moet stijgen. Bovendien werd opgenomen dat van de rijke landen wordt verwacht dat zij ontwikkelingslanden financieel zullen steunen bij het terugbrengen van hun eigen uitstoot. De Amerikaanse president Barack Obama had deze twee laatste zaken als voorwaarde voor het akkoord gesteld.

Het Akkoord betrof de periode na 2020 en zou pas in werking treden na ratificatie door 55 landen, die gezamenlijk meer dan 55% van de broeikasgassen uitstoten. Het Akkoord werd ongewoon snel geratificeerd: reeds op 5 oktober 2016 werd de drempel bereikt, zodat het Akkoord op 4 november 2016 in werking kon treden, vlak voor de klimaatconferentie van Marrakesh 2016.

Vanaf 2023 zal er om de vijf jaar een wereldwijde evaluatie (“Global Stocktake”) plaatsvinden van de uitstoot(vermindering).

Een van de ingebouwde zwakheden van het Akkoord bestaat erin dat de landen zelf hun klimaatdoelstellingen bepalen. Een andere tekortkoming is het feit dat de luchtvaart en scheepvaart niet vermeld worden.

Nog voor het in werking treden van het Akkoord was er twijfel gerezen of de doelstellingen van Parijs, zelfs bij toepassing, zouden volstaan om de opwarming tot 1,5° of 2 °C te beperken. Sedertdien werd de twijfel een zekerheid, volgens meerdere wetenschappelijke rapporten, onder meer van het Massachusetts Institute of Technology in april 2016, van Nature in juni 2016 en van het VN-Milieuprogramma in november 2016. Daarenboven bleek inmiddels dat verreweg de meeste landen zelfs die matige doelstellingen niet gehaald zouden hebben tegen de eerstvolgende evaluatie op de klimaatconferentie van Katowice in december 2018, drie jaar na het sluiten van het Akkoord.

Klimaat afspeellijst:

Klimaatmars Amsterdam 10 maart 2019:

In Amsterdam hebben zo’n 40.000 mensen deelgenomen aan de landelijke klimaatmars.

Om een desastreuze klimaatverandering af te wenden, is misschien meer nodig dan een lagere CO2-uitstoot. Er zijn ook andere oplossingen – soms wild en riskant:

Kaalslag:

Droogte in Nederland sinds 2018:

Droogte is een langere periode waarin geen neerslag valt. Bij zonnig weer met wind en hoge temperaturen kan er veel vocht verdampen, waardoor het watertekort snel toeneemt. Ook de voorgeschiedenis is van belang: als het ook eerder in het jaar droog was, loopt het tekort op. Landbouw vult dit op veel plaatsen aan door kunstmatige beregening, wat gevolgen heeft voor de beschikbaarheid van water. Wanneer de vraag naar water het natuurlijke aanbod overstijgt, ontstaat waterschaarste.

Langdurige droogte kan grote gevolgen hebben en heeft in de geschiedenis zijn sporen nagelaten. De neergang van het Akkadische Rijk is een van de vroegste van een bekende beschaving. Het speelde mogelijk ook een rol bij de ineenstorting van het Maya-rijk, de neergang van de Pueblocultuur, de Fremontcultuur en Cahokia tijdens de megadroogtes in het westen van Noord-Amerika en de neergang van Angkor.

Met een in complexiteit groeiende samenleving, kan droogte ook in de moderne tijd ontwrichtend werken. Landbouw met zijn grote waterbehoefte is een belangrijke sector die grote schade ondervindt, zoals jaarlijks gemiddeld tussen de 6 en 8 miljard dollar in de Verenigde Staten, maar bijvoorbeeld in 1988 oplopend naar 40 miljard directe en indirecte kosten. In Europa werd in 2007 geschat dat over de dertig jaar daarvoor de schade op zo’n 100 miljard euro lag, waarbij gemiddeld 11% van de bevolking en 17% van het oppervlak betrokken was. Een uitschieter was 2003 waarin de schade op zo’n 11 miljard euro lag. In China werd de schade van de droogte van 2001 geschat op 6,4 miljard dollar.

Het grote belang van water kan ook leiden tot waterconflicten. Een recent voorbeeld is het conflict in Darfur waarbij droogte er aan bijdroeg dat de Baggara met hun vee steeds zuidelijker trokken op zoek naar water.

Extreme neerslag:
Neerslag kan op verschillende manieren extreem zijn. Er kan op een bepaalde locatie veel neerslag vallen in een korte duur, vaak binnen een uur of in enkele uren. Dit kan tot wateroverlast leiden, vaak in het stedelijk gebied. Deze neerslag valt voornamelijk uit buien, die relatief kort duren en deze treden voornamelijk in het zomerhalfjaar op. 

Het kan ook veel langer hard regenen over veel grotere gebieden. Vijf tot tien dagen met veel neerslag in het Rijnstroomgebied kan leiden tot hoge afvoeren van de Rijn. De intensiteit van de neerslag is in deze situatie veel lager, maar het regent wel lang en over grote gebieden. Dit soort neerslag valt vaak in de winter.. We spreken dan niet over buien, maar over grootschalige of frontale neerslag. Een front is een zone waar warme en koude lucht elkaar tegenkomt. De koude lucht is zwaar en dwingt de warme lucht op te stijgen. Maar, als de warme lucht opstijgt, koelt hij af, en dan ontstaat er een brede wolkenband. Het begint te regenen – en het blijft regenen – tot het front voorbij getrokken is.

Niet in alle gevallen is het verschil in buiige neerslag en grootschalige neerslag zo duidelijk. Er treden ook vaak mengvormen op waarbij het hard regent over relatief grote gebieden, en waarbij buien zich aaneen lijken te rijgen tot meer grootschalige gebieden. 

Er zijn twee manieren om naar neerslagextremen te kijken. Vaak wordt extreme neerslag gedefinieerd door het optreden van een neerslagsom of intensiteit boven een bepaalde drempelwaarde. In Nederland noemen we neerslag boven de 25 millimeter in één uur een hoosbui, en meer dan 50 millimeter in één dag ‘een dag met zware neerslag’. Waardes boven de 50 millimeter in een uur en 100 millimeter in een dag (twee keer zoveel als de laagste hoeveelheid voor een ‘hoosbui’ en ‘een dag met zware neerslag’) zijn voor het Nederlandse klimaat redelijk extreem; ze komen ongeveer één keer per eeuw of iets vaker voor wanneer men zich op een ‘vaste locatie’ in Nederland bevindt. 

De andere manier om neerslagextremen te definiëren is dan ook door te kijken naar de neerslaghoeveelheid bij een kleine kans van optreden. Deze kans wordt vaak uitgedrukt in een herhalingstijd, een kans van 1 procent per jaar komt overeen met een herhalingstijd van 100 jaar. We zijn over het algemeen niet goed voorbereid op gebeurtenissen die zeer zeldzaam zijn (een lange herhalingstijd hebben) en noemen die daarom extreem. Terwijl de kans zeer klein is dat er op een willekeurige locatie in Nederland meer dan 50 millimeter in een uur valt – en dus als extreem wordt geclassificeerd – valt deze hoeveelheid in de tropen veel vaker en wordt daar als minder extreem ervaren. 

Vaak worden extreme neerslag dan ook gegeven in de hoeveelheden die horen bij bepaalde herhalingstijden. Meestal worden ze afgeleid van neerslagstations en is de hoeveelheid bij een herhalingstijd representatief voor deze stations. De herhalingstijden horen dan dus bij een locatie. Een waarnemer die zich op een willekeurige plaats in Nederlands bevindt, meet gemiddeld eens per zoveel jaar (gegeven door de herhalingstijd) deze hoeveelheid.

Dat deze kans op extreme neerslag klein is, betekent niet dat dit soort gebeurtennissen in Nederland heel weinig optreden. Een extreem in de uurneerslag die een lokale kans van eens per 100 jaar heeft – ongeveer 58 millimeter in de huidige statistieken – treedt (vrijwel) ieder jaar wel ergens in Nederland op. Omdat zo’n bui klein is en Nederland groot en er dus veel plekken zijn waar zo’n bui kan vallen. Ogenschijnlijk zeldzame extremen komen daarom veel vaker binnen Nederland voor dan de statistieken lijken te suggereren. Een extreme bui valt met relatief grote kans ergens in Nederland, maar de kans dat deze precies in jouw straat valt is zeer klein. 

In 2019 is een overkoepelend rapport gepubliceerd over extreme neerslagstatistiek. Hierin zijn verschillende onderzoeken van KNMI en HKV in opdracht van STOWA op het gebied van extreme neerslagstatistiek gebundeld. Het overkoepelende rapport bevat onder meer een basisstatistiek. De basisstatistiek geeft inzicht in de hoeveelheid neerslag (in mm) die verwacht mag worden bij een bepaalde duur (in dit geval: van 10 minuten tot 10 dagen) bij een bepaalde herhalingstijd (bijvoorbeeld eens in de 10 of 100 jaar) voor een bepaalde locatie (puntstatistiek). De statistiek geeft een betrouwbaar beeld van extreme neerslaggebeurtenissen anno nu (het referentiejaar is 2014). De effecten van al opgetreden klimaatverandering zijn erin meegenomen.

De verschillen tussen de basisstatistiek en de afzonderlijke statistieken voor korte en lange duren, uit 2015 en 2018, zijn relatief gering. Maar de verschillen tussen de statistiek uit 2019 met de statistieken die daarvoor werden gebruikt (dit zijn de statistieken uit 2004 en 2007), zijn wel groot: ze vallen hoger uit, in het bijzonder voor extreme hoeveelheden die minder vaak dan eens per 100 jaar voorkomen. Een gedeelte van deze veranderingen is veroorzaakt door klimaatverandering. Echter, een groot gedeelte van de veranderingen komt doordat er langere meetreeksen van meerdere locaties zijn meegenomen dan in de statistieken uit 2004 en 2007, waardoor de statistiek van de meest extreme gebeurtenissen beter in kaart gebracht kon worden. Deze extremen blijken zwaarder te zijn dan eerder gedacht.

Nederland warmt ruim 2 keer zo snel op als de wereldgemiddelde temperatuur:

Echt heet:

Noordpoolgebied:

Noord-Atlantische warme golfstroom:
De Golfstroom of Noord-Atlantische Drift is een snelle, krachtige warme stroming in de oceaan. De Golfstroom vindt zijn oorsprong in de Golf van Mexico, waarvan de naam van de stroom afgeleid is. Hier wordt hij onder andere gevoed door de Antillenstroom.

De Golfstroom volgt de oostelijke kusten van de Verenigde Staten en Newfoundland. Vervolgens steekt hij als Noord-Atlantische stroom ter hoogte van Kaap Hatteras de noordelijke Atlantische Oceaan over en bereikt Europa ter hoogte van de Golf van Biskaje. Daarna stroomt hij verder naar het noorden via onder meer de Noordzee tot aan de Noordelijke IJszee en een deel gaat ook zuidwaarts via de Canarische stroom. De Golfstroom maakt deel uit van de thermohaliene circulatie. Ten zuidoosten van de Golfstroom ligt de Noord-Atlantische gyre.

In de Golfstroom kunnen stroomsnelheden van 3 meter per seconde voorkomen, waardoor de scheepvaart en dan vooral de zeilvaart er enige hinder van kan ondervinden. De Golfstroom vervoert per seconde tot 1,5×108 kubieke meter water, dat is meer dan 100 keer zo veel als alle rivieren in de wereld. De stroom vertegenwoordigt 5 petawatt (5×1015 W) vermogen, wat overeenkomt met ongeveer drie miljoen moderne grote kerncentrales.

Door de Golfstroom is het klimaat op 50 graden noorderbreedte in Europa (de regio van België en Nederland) veel warmer dan op vergelijkbare andere plaatsen op aarde: het steeds nieuw aangevoerde warme zeewater functioneert als buffer. Vooral aan de Atlantische kust van Scandinavië is de invloed ervan van groot belang. De havens van Noorwegen tot en met Moermansk zijn ‘s winters ijsvrij. Grote delen van Europa zijn hierdoor dan ook een stuk warmer dan andere gebieden op vergelijkbare breedtegraad. New York ligt bijvoorbeeld op een lagere geografische breedte dan Rome maar is in de winter duidelijk kouder dan Amsterdam.

An Inconvenient Truth:
An Inconvenient Truth is a 2006 American concert/documentary film directed by Davis Guggenheim about former United States Vice President Al Gore‘s campaign to educate people about global warming. The film features a slide show that, by Gore’s own estimate, he has presented over a thousand times to audiences worldwide.

The idea to document Gore’s efforts came from producer Laurie David, who saw his presentation at a town hall meeting on global warming, which coincided with the opening of The Day After Tomorrow. Laurie David was so inspired by his slide show that she, with producer Lawrence Bender, met with Guggenheim to adapt the presentation into a film. Premiering at the 2006 Sundance Film Festival and opening in New York City and Los Angeles on May 24, 2006, the documentary was a critical and commercial success, winning two Academy Awards for Best Documentary Feature and Best Original Song.

Since the film’s release, An Inconvenient Truth has been credited for raising international public awareness of global warming and reenergizing the environmental movement. The documentary has also been included in science curricula in schools around the world, which has spurred some controversy.

A sequel to the film, titled An Inconvenient Sequel: Truth to Power, was released on July 28, 2017, a concert film/documentary film, directed by Bonni Cohen and Jon Shenk, about Al Gore’s continuing mission to battle climate change. The film addresses the progress made to tackle the problem and Gore’s global efforts to persuade governmental leaders to invest in renewable energy, culminating in the landmark signing of 2016’s Paris Agreement.  It received a nomination for Best Documentary at the 71st British Academy Film Awards.


Klimaat en Voedselproductie:

Klimaat en vlees:

Antartica:

2020:

One Hot Year after Another:

https://nasa.tumblr.com/post/640306405286559744/one-hot-year-after-another

Klimaatrechtzaken:

Klimaat en Grootkapitaal:

Klimaat en internet:

Migratie en Klimaat:

Gezondheid en Klimaat:

Energievoorziening:

#ShowYourStripes:

Cultuuromslag:

Samen maken we toekomst! Klik op afbeelding voor origineel

Permafrost:

Weerextremen en gevolgen in 2021:

Links:
WebLinks – Natuur-Milieu Duurzaam

Agenda – Eerlijke #Klimaatmars (TV AT5)

Agenda – #Stikstofcrisis

Agenda – #COP26 #COP26Glasgow Klimaatconferentie van Glasgow 2020 / 2020 United Nations Climate Change Conference

Agenda – Steenkoolgigant RWE klaagt de Nederlandse overheid aan voor 1,4 miljard euro! / Nederland: stop de Energy Charter Treaty – Petitie

weBLOG – Steden kunnen een sleutelrol spelen in deze kritieke tijd van klimaatverandering

Agenda – lobal North Is Responsible for 92% of Excess Emissions

#ClimateClock

Deel: